Uitspraak van de hoogste rechter bestuursrecht:
Het zorgkantoor mag de verantwoording van het pgb niet in behandeling nemen zonder instemming van de bewindvoerder.

Op 22 maart heeft de Centrale Raad van Beroep (CRvB) geoordeeld dat het beheer van het persoonsgebonden budget (pgb) onder de taak van de bewindvoerder van een budgethouder valt. De bewindvoerder mocht om die reden het beheer van het pgb niet helemaal aan de budgethouder overlaten en het zorgkantoor had moeten nagaan of de bewindvoerder instemde met de verantwoording.

Achtergrond uitspraak

Een budgethouder met een psychische beperking ontving in 2013 vanuit de AWBZ een pgb voor begeleiding. De budgethouder diende zelf deze verantwoording in zonder overleg met de bewindvoerder. Het zorgkantoor keurde een groot deel van de verantwoording af en vorderde een deel van het bestede budget terug.

In bezwaar en beroep wordt het zorgkantoor in het gelijk gesteld. De rechtbank stelt dat de handtekening van de bewindvoerder bij de verantwoording ontbreekt, maar dat dit niet tot gevolg heeft dat het zorgkantoor deze verantwoording niet had mogen verwerken. De budgethouder is tegen deze uitspraak in hoger beroep gegaan bij de Centrale Raad van Beroep.

Zorgkantoor verzuimde bewindvoerder om instemming te vragen

De Centrale Raad van Beroep is het niet eens met het oordeel van de rechtbank Noord-Nederland van 9 november 2015. De Raad stelt dat het zorgkantoor wist dat de budgethouder onder bewind was gesteld. Daarom had het zorgkantoor de verantwoording van het pgb niet zonder meer in behandeling mogen nemen. Het had eerst na moeten gaan of de bewindvoerder instemde met verantwoording. De bewindvoerder is verantwoordelijk voor de kosten, het sluiten van de contracten en het betaalbaar stellen van de declaraties die horen bij het pgb-beheer.

Taken bewindvoerder bij besteding pgb

De bewindvoerder moet ervoor zorg dragen dat tijdig en volledig over de besteding van het pgb verantwoording wordt afgelegd aan het zorgkantoor. De bewindvoerder mocht om die reden het beheer van het pgb niet helemaal aan de budgethouder overlaten zonder na te gaan of de besteding en verantwoording ervan klopten. Een zorgkantoor moet nagaan of de bewindvoerder met de verantwoording van de besteding van het pgb instemt. Dit kan worden aangetoond door een handtekening van de bewindvoerder onder de verantwoording. Dit betekent dat het zorgkantoor de afwijzing van de verantwoording ten onrechte heeft gebaseerd op de door budgethouder ingediende verantwoording. Dit kan alleen worden hersteld door de bewindvoerder alsnog in staat te stellen om de besteding van het pgb te verantwoorden op de voorgeschreven wijze.

Meer informatie

Lees de hele uitspraak van de Centrale Raad van Beroep