15 kwaliteitseisen van IGJ

De Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) toetst de kwaliteit van zorg op 15 onderwerpen. Je kunt deze lezen op de website van de inspectie. Wij geven hieronder de tekst  van de inspectie met daarna onze uitleg en advies.

1. Beschikbaar en deskundig personeel

Een zorgaanbieder die goede zorg biedt, organiseert de uitvoering van de geboden zorg zo dat hij tijdig, doelmatig en deskundig in de zorg- en ondersteuningsbehoeften van de cliënt voorziet.
De volgende criteria worden gehanteerd:

  • de zorgaanbieder zet zorgmedewerkers in met voldoende kennis en vaardigheden om ondersteuning te kunnen bieden aan de doelgroep van cliënten
  • de beschikbare personeelsformatie staat in verhouding tot de cliëntpopulatie en zorgbehoeften
  • vakinhoudelijke specialisten zijn in voldoende mate beschikbaar wanneer nodig bij cliënten met (zeer) intensieve verzorging en/ of gedragsregulering

Meer informatie: www.meldennieuwezorgaanbieders.nl

Onze toelichting

Uitgangspunt is dat de kwaliteiten van het personeel worden afgestemd op de zorgvraag en zorgzwaarte van de bewoners. Een ‘hoge’ zorgzwaarte veronderstelt hoog opgeleid personeel. Welke eisen stel je aan je personeel om welke redenen? De inspectie wil kennis nemen van je overwegingen hierbij. Om te zien of er sprake is van een evenwichtige situatie, een stabiel team dat de gewenste zorg kan leveren.

2. Vergewisplicht en Verklaring omtrent het gedrag (VOG)

Per 1 januari 2016 moet de zorgaanbieder die zorg uitvoert in het kader van de Wlz het functioneren van iedere nieuwe zorgverlener nagaan, voordat hij of zij wordt aangenomen. Nieuwe medewerkers in de langdurige zorg en de intramurale geestelijke gezondheidszorg moeten daarnaast een Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG) tonen.

Meer informatie: www.meldennieuwezorgaanbieders.nl

Onze toelichting

Uitgangspunt is de veiligheid van vaak minder weerbare bewoners te beschermen.

  • Een Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG) is een verklaring waaruit blijkt dat het gedrag van een individuele zorgverlener geen bezwaar vormt voor het vervullen van een specifieke taak of functie in de samenleving. Lees hierover meer op de website van Justis. Dit geldt ook voor vrijwilligers die activiteiten met bewoners doen en voor mantelzorgers die activiteiten doen in groepsverband.
  • De vergewisplicht houdt in dat de zorgaanbieder de geschiktheid moet onderzoeken van iemand die beroepsmatig zorg wil gaan verlenen. ; bijvoorbeeld door het actief referenties op vragen bij eerdere werkgevers. Een potentiële zorgverlener hoeft niet te zijn veroordeeld, maar kan zijn ontslagen wegens wangedrag of ernstig disfunctioneren. Dat kan een reden zijn om deze persoon niet aan te nemen. Ook wat betreft de scholing van medewerkers moet een werkgever nagaan of bijvoorbeeld een verpleegkundige daadwerkelijk is opgenomen in het Kwaliteitsregister Verpleegkundigen en Verzorgenden.

De inspectie houdt een lijst bij van personen werkzaam in de zorg die bekend staan omdat zij ernstig disfunctioneerden. Werkgevers kunnen het arbeidsverleden van een (toekomstige) werknemer checken. Ook is het mogelijk zelf iemand aan te dragen, als u deze persoon heeft ontslagen vanwege ernstig disfunctioneren. De procedure die wordt doorlopen voordat iemand daadwerkelijk op deze lijst terechtkomt is zeer zorgvuldig. De lijst is niet openbaar. Lees meer over dit punt meer op de website van de IGJ.

3. Afspraken met onderaannemers en vrijwilligers

Wanneer er sprake is van een hoofd-, onderaannemer of zzp’ers moeten er tussen de partijen afspraken te worden vastgelegd over:

  • de te leveren kwaliteit van zorg
  • het te gebruiken zorgdossier
  • toetsing van de kwaliteit van zorg

Meer informatie: www.meldennieuwezorgaanbieders.nl

Onze toelichting

Wie is eindverantwoordelijk voor de kwaliteit van de zorg?

  • Hoofdaannemer is de partij waarmee de bewoner de zorgovereenkomst heeft afgesloten, bijvoorbeeld het wooninitiatief. In dat geval is het wooninitiatief eindverantwoordelijk, ook al wordt de zorg uitgevoerd door een andere zorgaanbieder/zorgverlener.
  • Is de zorgovereenkomst afgesloten met een zorgaanbieder (niet het wooninitiatief) dan kan het wooninitiatief toch nog hoofd-aansprakelijk zijn, namelijk wanneer het wooninitiatief zorg doet verlenen. In dat geval is het wooninitiatief hoofdaannemer en de zorgaanbieder onderaannemer. De hoofdaannemer moet erop toezien dat de zorgaanbieder werkt conform de kwaliteitseisen die gelden.
  • Heeft de bewoner een zorgovereenkomst met individuele zorgverleners dan zijn zij verantwoordelijk voor de kwaliteit van de zorg. Ook hier kan het wooninitiatief weer eindverantwoordelijk zijn wanneer zij veel regie heeft over hoe de zorg wordt uitgevoerd.

De definitie van zorginstelling in de Wkkgz is kort maar krachtig: je verleent zorg of doet zorg verlenen. Bij zelfwerkgeverschap verleent het wooninitiatief zelf de zorg. Bij inhuren van een zorgaanbieder geeft het wooninitiatief de opdracht zorg te verlenen. Heeft het wooninitiatief invloed op de uitvoering van de zorg, bijvoorbeeld bij het samenstellen van het team, dan is het wooninitiatief eindverantwoordelijk. Als de bewoner en/of zijn naasten volledig zelf bepalen welke zorg een zorgverlener biedt en het wooninitiatief heeft daar geen enkele invloed op, dan kan het wooninitiatief daar niet op worden aangesproken maar is de bewoner zelf verantwoordelijk voor de geleverde zorg. In dit geval heeft de bewoner meestal een rechtstreekse overeenkomst met de zorgverlener.

4. Opleidingsplan

U heeft een actueel diploma- en bevoegdheidsoverzicht van alle zorgverleners. Een zorgaanbieder moet een scholingsplan uitvoeren dat past bij de zorg- en ondersteuningsbehoeften van de doelgroep en het deskundigheidsniveau van de zorgmedewerkers. Daarnaast moet de zorgaanbieder de kennis en het gebruik van de procedure veilig incident melden (VIM) en de meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling te kunnen aantonen.

Meer informatie: www.meldennieuwezorgaanbieders.nl

Onze toelichting

Het scholingsplan moet passen bij de zorg- en ondersteuningsbehoeften van de doelgroep en het deskundigheidsniveau van de zorgmedewerkers. Dit kan aantoonbaar gemaakt worden met een personeelsoverzicht waarin de bekwaamheden per medewerker in beeld zijn gebracht, inclusief gevolgde (bij)scholing, certificaten, e-learning, verworven autorisatie etc. Ook het actueel houden van de hier genoemde 15 kwaliteitscriteria moet deel uit maken van het scholingsplan. Denk bijvoorbeeld aan de vrijheidsbeperkende maatregelen.

5. Kwaliteitssysteem

Elke zorgaanbieder moet een kwaliteitssysteem opstellen. De IGJ verstaat onder een kwaliteitssysteem het vastleggen van beleid, procedures en protocollen, als ook gegevens waarop, met een zekere frequentie, analyses en evaluaties uitgevoerd worden die nodig zijn voor de uitvoering van het kwaliteitsbeleid en het bereiken van de vastgestelde kwaliteitsdoelstellingen (Plan, Do, Check, Act-cyclus).

Meer informatie: www.meldennieuwezorgaanbieders.nl

Onze toelichting

Belangrijk is te laten zien dat het waarborgen van kwaliteit een continu proces is. Dat heeft niet alleen te maken met vernieuwing en aanpassing. Houd vanzelfsprekende werkwijzen/gewoonten/afspraken die al jarenlang lopen regelmatig tegen het licht om te kijken of ze nog voldoen. Wat vastgelegd moet worden kan een wooninitiatief zelf bepalen. Laat in elk geval als wooninitiatief zien dat er continu aan kwaliteit wordt gewerkt. Je kunt daarbij de zogenoemde PDCA cyclus gebruiken: plannen, doen, checken en handelen (act).

  • Je kunt putten uit de wettelijk verplichte registraties in de gehandicaptenzorg en de ouderenzorg
  • Certificering is voor wooninitiatieven niet nodig (voor zorg in natura kan het zorgkantoor dit wel eisen)

6. Uitsluitingscriteria cliënten

De problematiek – denk aan agressie, mate van zelfredzaamheid, verslavingsproblematiek, etc. – van bepaalde groepen cliënten stelt eisen aan de deskundigheid van de zorgverleners, de accommodatie van de zorginstelling en meer. Niet iedere zorginstelling zal daarom elke vorm van problematiek aankunnen.

Meer informatie: www.meldennieuwezorgaanbieders.nl

Onze toelichting

Met vastgestelde uitsluitingscriteria is concreet aan te geven waarom iemand bij de start niet geschikt is voor een wooninitiatief of waarom er gaandeweg afscheid moet worden genomen. Bijvoorbeeld omdat de zorgzwaarte te groot is (geworden). Er kan sprake zijn van 3 momenten:

  1. Vóór de start van het wooninitiatief: beschrijf voor welke bewoners wel, maar ook voor welke bewoners geen zorg kan worden verleend en waarom. Kennis van het zorgdossier van een toekomstige bewoner is een vereiste om een juiste inschatting te kunnen maken of een toekomstige bewoner in het wooninitiatief past. Ook is het mogelijk een proefperiode af te spreken om van beide kanten te bekijken in hoeverre een potentiële bewoner past in de groep.
  2. Gaandeweg: blijken de criteria bijgesteld te moeten worden, leg dat ook vast. Ervaringen of voortschrijdend inzicht kan hiertoe aanleiding geven.
  3. Daarnaast kan een wooninitiatief aangeven dat het nog lerende is op een bepaald gebied, maar bijvoorbeeld op dit moment de benodigde zorg nog niet kan leveren.

Het advies van een ervaren zorgverlener of een gedragsdeskundige kan in alle drie de situaties erg nuttig zijn. Leg ook vast dat als het niet meer gaat met een bestaande bewoner, de zorgaanbieder of het wooninitiatief samen met de bewoner en/of zijn naasten op zoek gaat naar een geschikt alternatief.

7. (Veilig) incidenten melden

Zorgaanbieders moeten sinds 1 juli 2016 een interne werkwijze hebben die regelt dat medewerkers veilig onzorgvuldigheden, incidenten en calamiteiten in de zorgverlening kunnen melden. Doel is dat collega’s bevindingen met elkaar bespreken, ervan leren en zo samen de zorg verbeteren. De zorgaanbieder heeft vastgelegd dat het volgende onverwijld bij de IGJ wordt gemeld: iedere calamiteit die bij de zorgverlening heeft plaatsgevonden; geweld in de zorgrelatie; ontslag wegens disfunctioneren zorgverlener.

Meer informatie: www.meldennieuwezorgaanbieders.nl

Onze toelichting

In een lerende organisatie met een open cultuur wordt het melden van een incident niet gedaan om te onderzoeken wie schuld heeft. Doel is niet straffen, maar verbeteren. Door fouten te noteren en te bespreken is het mogelijk een patroon te herkennen in de incidenten, waardoor oplossingen beter in beeld komen. Gemaakte fouten dienen te worden vastgelegd in het zorgdossier. De bewoner en zijn vertegenwoordiger dienen hierover geïnformeerd te worden.

Definities

Calamiteiten
Een calamiteit, is een ernstige misser met blijvende schade voor de bewoner. Een calamiteit moet door de zorgaanbieder verplicht gemeld worden bij de IGJ. Bij geen terugmelding volgt een beboeting. Zowel de zorgaanbieder zelf als IGJ zullen (moeten) zoeken naar oplossingen.

Geweld in de zorgrelatie
Onder incidentenmelding valt ook geweld in de zorgrelatie. Dat houdt in: geweld van een zorgverlener gebruikt tegen een bewoner en geweld tussen bewoners onderling. Deze vormen van geweld dienen gemeld te worden bij IGJ. De zorgaanbieder moet actief aan de slag met het zoeken naar oplossingen. Geweld van bewoner naar zorgverlener hoeft niet gemeld te worden. Hiertegen kan regulier aangifte bij de politie worden gedaan

Analyse en beschrijving van het incident

Hiervoor kunt u gebruik maken van de handleiding incidentanalyse met PRISMA. Deze geeft stapsgewijs weer hoe u een incidentanalyse kan worden gedaan. De handleiding is gratis voor iedereen die werkzaam is in de gezondheidszorg. Het gaat er daarbij om wat er gebeurde en waarom het gebeurde. De vraag die de analyse beantwoordt is: hoe kon de ongewenste situatie (het incident) ontstaan waarbij mogelijkheden voor verbetering aan het licht komen. Kijk voor meer informatie en het downloaden van de handleiding op deze website.

Informatie downloaden

Meldpunt burgers IGJ

Wil je als bewoner, naaste of vertegenwoordiger een klacht melden, dan kun je naar het Landelijk Meldpunt Zorg, speciaal voor burgers en daarmee een bijzondere afdeling van de IGJ. Als je een klacht of vraag heeft over de zorg, dan kan dit meldpunt je verder helpen. Zij bieden een luisterend oor, geven informatie en advies of verwijzen door naar andere organisaties.

8. Uitvoeringsprotocollen van voorbehouden en risicovolle handelingen

Alle handelingen die beroepsbeoefenaren in hun werk uitvoeren moeten op zorgvuldige wijze worden verricht, zo eist de Wet BIG. Dat geldt zeker bij risicovolle handelingen, die bij de uitvoering van de handeling risico’s meebrengen voor de cliënt. Voorbehouden handelingen vormen een specifieke groep binnen de risicovolle handelingen. In de Wet BIG worden 14  risicovolle handelingen aangemerkt als voorbehouden handelingen. Voor de uitvoering van de voorbehouden handelingen zijn in de wet voorwaarden opgenomen. De volgende criteria worden gehanteerd:

  • de handelingen worden uitgevoerd volgens landelijk geldende richtlijnen, standaarden en daarvan afgeleide protocollen
  • uitvoeringsverzoek tot voorbehouden handelingen kan worden aangetoond

Meer informatie: www.meldennieuwezorgaanbieders.nl

Onze toelichting

Risicovolle handelingen

De term zegt het al, iemand loopt risico bij het (onjuist) uitvoeren van deze handeling. Een voorbeeld is het toedienen van medicatie. Geen voorbehouden handeling, maar er zijn wel risico’s. Onbekwaam en onzorgvuldig handelen kan vrijwel zeker tot gezondheidsschade zullen leiden. Voor het uitvoeren van risicovolle handelingen is net als bij voorbehouden handelingen scholing en een bekwaamheidverklaring verplicht. (bron: o.a. Nursing, vakblad voor verpleging)

Voorbehouden handelingen

Dit zijn handelingen die door de individuele professionals beroepsmatig worden verricht. In de Wet BIG worden 14 risicovolle handelingen aangemerkt als voorbehouden handelingen. Een arts mag met inachtneming van bepaalde voorwaarden, aan een andere beroepsbeoefenaar (bijvoorbeeld verpleegkundige of verzorgende) opdracht geven via een uitvoeringsverzoek, een voorbehouden handeling te verrichten. De arts bepaald wie bevoegd en bekwaam is. Een arts moet altijd een schriftelijk uitvoeringsverzoek doen. Dit verzoek maakt deel uit van het zorgplan en zorgdossier. Hoe bekwaamheid getoetst wordt, wordt hierna uitgelegd onder 9, Toetsing van bekwaamheid.

Meer informatie

  • Download handleiding voorbehouden handelingen met daarin opgenomen een voorbeeld van een Uitvoeringsverzoek.
  • Je kunt eventueel putten uit de Kick-protocollen. Daarin zijn steeds alle praktische adviezen vanuit alle zorginstellingen, opleidingen en de laatste landelijke richtlijnen verwerkt. Meer informatie hierover op de website van In voor zorg.

9. Administratie-, declaratie-, informatie-eisen en goed bestuur

Als nieuwe zorgaanbieder is het ook belangrijk dat u weet wat van u verwacht wordt als het gaat om het leveren van goede zorg, maar ook als het gaat om het registreren en declareren van deze zorg. Of het juist en tijdig informeren van uw patiënten. Of om het vormgeven van uw bedrijfsvoering. Op basis van de Wet marktordening gezondheidszorg (Wmg) heeft de NZa hiervoor regels opgesteld. De NZa ziet ook toe op de naleving hiervan.

Meer informatie: www.meldennieuwezorgaanbieders.nl

10. Onvrijwillige zorg of dwang

Tot 1 januari 2020 vielen gedwongen opnames en gedwongen zorg voor mensen met dementie of met een verstandelijke beperking onder de Wet Bopz.

Vanaf 1 januari 2020 wordt de BOPZ vervangen door de Wet zorg en dwang (Wzd). Uitgangspunt van de Wzd is dat zorg en dwang alleen mag worden toegepast als het echt niet anders kan. De Wzd regelt de rechten bij onvrijwillige zorg of onvrijwillige opname van mensen met een verstandelijke beperking en mensen met een psychogeriatrische aandoening (zoals dementie). Tegelijk met de Wzd is de Wet verplichte ggz in werking getreden. Die wet gaat over verplichte zorg en opname in de geestelijke gezondheidszorg.

Besturen van ouderinitiatieven kunnen de rol van hoofdaannemer van de zorg hebben. Zij zijn dan verantwoordelijk voor de uitvoering van de Wet Zorg en Dwang. Registratie van de zorgaanbieder in het openbaar register is verplicht voor zorgaanbieders die gedwongen zorg verlenen! Zonder registratie mag geen gedwongen zorg plaatshebben. In de praktijk zal de zorgaanbieder met wie het bestuur van het ouderinitiatief een contract heeft de Wzd in de praktijk uitvoeren. Het bestuur is echter eindverantwoordelijk en moet toezien op de juiste naleving van de regels.

Meer informatie:

Onze toelichting

In opdracht van het ministerie van VWS heeft budgethoudersvereniging Naar-Keuze een handreikingen geschreven voor ouderinitiatieven: Handreiking Wet zorg en dwang voor ouderinitiatieven

De handreiking beschrijft hoe bestuurders van ouderinitiatieven om kunnen gaan met deze wet. Hierin staat onder meer wat zij moeten doen en regelen.

Er bleef lange tijd nog veel onduidelijkheid bestaan over de gevolgen van de Wet zorg en dwang voor budgethouders. Daar leest u nu meer over in deze slimme lijst.

11. Medicatiebeleid

Veilig omgaan met medicatie is een cruciaal onderdeel van goede zorg. Uitgangspunt is dat patiënten hun medicijnen zoveel mogelijk in eigen beheer hebben tenzij dit niet kan of mag. Bij elke nieuwe cliënt wordt bij intake en evaluatie bepaald of het verantwoord is dat hij het medicatiebeheer (deels) zelf regelt en zo ja, hoe dit is bepaald en welke afspraken er zijn gemaakt.

In het medicatiebeleid omschrijft u in ieder geval de taken, verantwoordelijkheden en afspraken over het gehele medicatieproces. Uw beleid moet in lijn zijn met de richtlijn: ‘veilige principes in de medicatieketen’. Alle medewerkers moeten op de hoogte zijn van dit beleid. Ook moeten in ieder geval de volgende zaken in uw medicatiebeleid zijn opgenomen:

Medicatieoverdracht

  • Bij het starten van de zorg rond medicatie moet er binnen 24 uur een actueel en volledig algemeen medicatieoverzicht en een toedienlijst van de apotheek aanwezig zijn.
  • Bij het starten van een voorbehouden handeling moet er een uitvoeringsverzoek aanwezig zijn van de voorschrijvend arts.

Medicatieoverzicht

  • Bij elke nieuwe cliënt wordt bij intake bepaald of het verantwoord is indien hij het medicatiebeheer of een deel zelf regelt en zo ja, op welke wijze dit bepaald wordt.
  • Het algemeen medicatieoverzicht van de apotheek is in het zorgdossier opgenomen.

Uitzetten en toedienen

  • Het uitzetten en toedienen van risicovolle medicatie wordt door twee verschillende personen uitgevoerd;
  • Bij het uitzetten en toedienen wordt voor elk geneesmiddel geparafeerd op een door de apotheek geleverde toedienlijst.

Opslag/beheer

  • Medicatie wordt veilig bewaard conform het bewaaradvies van de apotheek. Daarbij worden ook de algemene hygiënerichtlijnen in acht genomen;
  • Er zijn afspraken over de werkwijze m.b.t. retourmedicatie en de taakverdeling hierbij.

Scholing

Incidenten

  • Medicatie-incidenten worden gemeld en geregistreerd;
  • Indien er uitsluitend sprake is van “medicatie in eigen beheer” bij de cliënten dient de zorgaanbieder vast te leggen hoe er (in de toekomst) wordt omgegaan met cliënten die medicatie niet zelf kunnen beheren.

Meer informatie: www.meldennieuwezorgaanbieders.nl

12. Meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling

Zorgaanbieders zijn verplicht een meldcode vast te stellen waarin stapsgewijs wordt aangegeven hoe met signalen van huiselijk geweld of kindermishandeling wordt omgegaan.

Deze meldcode moet in ieder geval deze 5 stappen bevatten:

  1. In kaart brengen van signalen
  2. Raadplegen van Veilig Thuis of een deskundige op het gebied van letselduiding
  3. Gesprek met de betrokkene(n)
  4. Wegen van het huiselijk geweld of de kindermishandeling. En bij twijfel altijd Veilig Thuis raadplegen
  5. Beslissen over zelf hulp organiseren of melden

Meer informatie: www.meldennieuwezorgaanbieders.nl

13. Klachtenregeling

Elke cliënt moet de mogelijkheid hebben om over de geboden zorg een klacht in te dienen. Een klacht kan door de cliënt zelf of zijn vertegenwoordiger worden ingediend en heeft betrekking op ‘een gedraging van de zorgaanbieder of van voor hem werkzame personen jegens de cliënt’.

De volgende criteria worden gehanteerd:

  • Er is een klachtenregeling conform hoofdstuk 3 van de Wkkgz en deze is onder de aandacht van cliënten gebracht.
  • De zorgaanbieder heeft een onafhankelijke klachtenfunctionaris conform bovengenoemde wetgeving.
  • Een klacht wordt binnen zes weken behandeld.
  • Adres en/ of telefoonnummer van de klachtenfunctionaris staat vermeld in de klachtenregeling.

Meer informatie: www.meldennieuwezorgaanbieders.nl

Onze toelichting

Er moet in elk wooninitiatief een klachtenregeling voor de bewoners beschikbaar zijn en zij moeten hierover zijn ingelicht. Het wooninitiatief kan de klachtenregeling op verschillende manier organiseren:

  • zo mogelijk aansluiten bij de klachtenregeling van de zorginstelling die de zorg verleent
  • aansluiten bij de klachtenregeling van de brancheorganisatie
  • een eigen klachtenregeling als het wooninitiatief zelf eigen zorgverleners in dienst heeft

Klachtenfunctionaris

Bewoners of naasten kunnen voor hun klacht terecht bij een klachtenfunctionaris. Dat moet een onafhankelijk persoon zijn die niet direct betrokken is bij het wooninitiatief. Voor bewoners zijn hier geen kosten aan verbonden. De klachtenfunctionaris informeert over de verschillende mogelijkheden om een klacht in te dienen. Hij zal om te beginnen proberen via het informele circuit tot een oplossing te komen waar iedereen tevreden mee is. Binnen zes weken moet dit tot een beslissing leiden. Komt u er samen niet uit, dan wordt een klacht een geschil.

Formele procedure

Een geschil wordt ingediend bij een door de minister van VWS erkende geschillencommissie, waar het wooninitiatief bij is aangesloten. Lees meer over erkende geschilleninstanties op de website van de overheid in de verschillende sectoren, zoals extramurale zorgaanbieders, gehandicaptenzorg, geestelijke gezondheidszorg, solistische zorgverleners en zzp`ers, thuiszorg/verpleging/verzorging. Er is een klachten- en geschilleninstantie speciaal voor kleinschalige zorg en zzp’ers, opgericht door ervaren zzp’ers in de zorg.

Verdere informatie

  • Er zijn kosten verbonden aan het lidmaatschap van een geschilleninstantie. De hoogte is afhankelijk van het aantal medewerkers van het wooninitiatief. Bij maximaal 2 medewerkers kan dit rond de € 120 per kalenderjaar liggen. Bij 10 rond de € 300 per jaar. Daarnaast kan een eigen risico worden gevorderd bij een geschil. Daar kan rond de € 300 tot € 800 mee gemoeid zijn.
  • Er is een geschillencommissie gehandicaptenzorg, maar daarvoor moet men lid zijn van Vereniging Gehandicapten Nederland.
  • De geschillencommissie Geestelijke Gezondheidszorg vereist lidmaatschap van GGz Nederland.

14. Cliëntmedezeggenschap

Een zorgaanbieder heeft de wettelijke verplichting om medezeggenschap te organiseren, waarbij cliënten en/of cliëntvertegenwoordigers cliëntbelangen behartigen. De voorwaarden zijn:

  • er is sprake van een structureel karakter
  • er staat hiervan iets op schrift en voor belangenbehartigers moet duidelijk zijn waarover ze mogen meepraten.

De zorgaanbieder stelt de belangenbehartigers in ieder geval in de gelegenheid advies uit te brengen over elk voorgenomen besluit dat de zorgaanbieder betreft inzake: de systematische bewaking, beheersing of verbetering van de kwaliteit van de aan cliënten te verlenen zorg.

Meer informatie: www.meldennieuwezorgaanbieders.nl

Onze toelichting

Voor pgb ouderinitiatieven waarvan  de meerderheid in het bestuur  bestaat uit  (vertegenwoordigers van de) bewoners.geldt een uitzondering om verplicht een cliëntenraad  in te stellen. Dit volgt uit het wetsvoorstel Wmcz.

Per Saldo reageert op wetsvoorstel over medezeggenschap

15. Zorgdossier en zorgplan

Het zorgdossier bevat alle informatie die voor de zorg, de begeleiding en eventuele behandeling van de cliënt relevant is. Het zorgplan (ook wel behandelplan, leefplan, zorgbeschrijving, ondersteuningsplan of begeleidingsplan genoemd) is een onderdeel van het zorgdossier.

Meer informatie: www.meldennieuwezorgaanbieders.nl

Onze toelichting

Wettekst Wlz

In de Wlz staat dat de zorgaanbieder en de zorgvrager afspraken moeten maken over de zorg, zodat deze aansluit bij de wens en zorgvraag van de zorgvrager. De afspraken moeten navolgbaar zijn. Op basis van de afspraken moet vooruitgang of juist teruggang te herleiden zijn. Deze afspraken kunnen worden vastgelegd in een zorgplan, of zoals Per Saldo bepleit, in een persoonlijk plan.

Persoonlijk plan

Per Saldo vindt het voor alle budgethouders aan te raden om een persoonlijk plan te maken. Dit reikt verder dan een zorgplan: het gaat over het hele leven van de zorgvrager, niet alleen over zijn zorg. Een voorbeeld van een persoonlijk plan vind je onder Slimme lijst Persoonlijk plan. Je kunt dit format desgewenst gebruiken om je situatie te beschrijven, om een plan te maken waarin je aangeeft wat je wensen zijn, welke doelen je stelt, wat je wilt bereiken, wie verantwoordelijk is en wie zorgdraagt voor de handhaving van je plan. Je kunt het noemen zoals je wilt: zorgplan, persoonlijk plan, leefplan enzovoort, als de punten die de inspectie wil controleren er maar in vermeld staan.

Zorgdossier

Hoe wordt gecontroleerd dat de afspraken geformuleerd in je plan worden uitgevoerd? Dat kan via het zorgdossier, dat laat zien dat de gestelde doelen zijn nagekomen, door doel, werkwijze om dat doel te bereiken en resultaat vast te leggen. Het is de bedoeling dat de zorg regelmatig wordt geëvalueerd en waar nodig wordt bijgesteld. Probeer dat SMART maar eenvoudig te doen. Smart staat voor Specifiek, Meetbaar, Acceptabel, Realistisch en Tijdsgebonden.

Deskundige medewerkers

Als bewoners een hoge en complexe zorgvraag hebben, is dat terug te zien in werknemersbestand. Is er geen toegerust personeel dat tegemoetkomt aan de zorgvraag, dan kan de inspectie daar bezwaar tegen maken. Als een werknemer goed is toegerust maar niet het desbetreffende diploma heeft behaald, dan moet de kwaliteit van de zorgverlening op een andere manier zijn af te meten.