Binnen gemeenten zijn de voorbereidingen op de verkiezingen in volle gang. Verkiezingen die van invloed zijn op de positie van de budgethouder. Want deze positie staat onder druk. Terwijl erkenning van de zorg en/of ondersteuningsvraag van de budgethouder toch voor elke gemeente vanzelfsprekend moet zijn.

Algemene voorziening

Als iemand met een zorg en/of ondersteuningsvraag  bij de gemeente komt, wordt er eerst gekeken of de vraag ingevuld kan worden met een algemene voorziening. We zien dat meerdere gemeenten het begrip ‘algemene voorziening’ steeds breder maken. Het volgende voorbeeld illustreert wat er dan kan gebeuren.

Afwijzing maatwerkvoorziening

Meneer doet een aanvraag voor individuele begeleiding en dagbesteding, inclusief vervoer. De gemeente heeft een maatwerkvoorziening voor begeleiding op grond van de Wmo afgewezen. Volgens de gemeente is er sprake van een algemene voorziening, toegankelijk voor alle inwoners en zonder eigen bijdrage. De gemeente heeft organisatie X gecontracteerd die een breed palet aan voorzieningen en activiteiten biedt, dat aansluit bij de behoeften van de inwoners. Uit het onderzoek door de gemeente naar de zorgvraag van meneer, wordt niet duidelijk wat de begeleiding inhoudt, wie de begeleiding zal uitvoeren en wat de omvang is. Meneer vindt dat de begeleiding die hij op dit moment ontvangt (2 uur per week) voor hem noodzakelijk is. Hij is het daarom niet eens met de gemeente en stapt naar de rechter.

De voorzieningenrechter is van oordeel dat onvoldoende duidelijk is wat de algemene voorziening die de gemeente via organisatie X aanbiedt concreet voor meneer inhoudt. Het is überhaupt de vraag of organisatie X kan worden gekwalificeerd als algemene voorziening of dat sprake is van een maatwerkvoorziening. Het is niet duidelijk op welke manier de voorziening voor meneer wordt vormgegeven. Het is daarom niet duidelijk welke begeleiding aan hem is toegekend. Ook is niet duidelijk welke zorginstelling of welke persoon deze begeleiding feitelijk gaat verlenen en er is over de omvang van de begeleiding niets vermeld in het advies. De rechtbank zegt dat vanwege de kwetsbaarheid van meneer niet kan worden gevraagd om eerst deze voorziening uit te proberen en (pas) als deze niet geschikt blijkt te zijn, een pgb toe te kennen.

Naar aanleiding van deze uitspraak stelt de gemeente meneer in het gelijk en heeft de gemeente zijn verzoek voor een voorlopige voorziening toegewezen.

Uit dit voorbeeld blijkt dat de betreffende gemeente een algemene voorziening afgeeft, daar waar het een maatwerkvoorziening met bijbehorende keuzevrijheid tussen een pgb of zin had moeten afgeven. Het gaat hier immers om specifieke ondersteuning op basis van een vooronderzoek, afgestemd op een specifieke vraag van een zorgvrager.

Geen beschikking

Steeds meer gemeenten werken ‘beschikkingsarm’. Dit betekent dat er geen beschikking wordt afgegeven voor de hulp die nodig is, men kan via een algemene voorziening of zorg in natura direct terecht bij een zorgverlener.
Bij beschikkingsarm indiceren is de rechtspositie van de hulpvrager in het gedrang, want zonder beschikking is het moeilijk om in bezwaar te gaan tegen de geboden ondersteuning. Per Saldo vindt het dan ook zorgelijk dat de VNG initiatieven met betrekking tot beschikkingsarm indiceren ondersteunt, terwijl dit juist als een knelpunt naar voren komt in de evaluatie van de Jeugdwet. Er zijn gemeenten die aangeven beschikkingsarm te werken, maar dat als mensen in bezwaar willen gaan, er alsnog een beschikking zal worden afgegeven. Voor de zorgvrager werpt dit echter een extra drempel op om in bezwaar te gaan.

Wat vindt Per Saldo?

Per Saldo vindt eigen regie en eigen verantwoordelijkheid belangrijke uitgangspunten voor ieder mens en elke budgethouder. De toegang, keuzevrijheid en de flexibiliteit van het pgb moet worden gestimuleerd, beperkingen daarin zijn ongewenst. Daarvoor is goede voorlichting aan gemeenten cruciaal, zodat zij op grond van de juiste kennis een besluit kunnen nemen. Bij het in kaart brengen van de zorgvraag vormt de persoonlijke situatie van het individu en de beperking die hij en zijn directe omgeving heeft het vertrekpunt. De wensen en voorkeuren van een zorgvrager, c.q. budgethouder moeten daarbij worden meegenomen.

Recente uitspraken

Onder de Wmo kennen we (recente) jurisprudentie waarin rechtbanken oordelen dat de beoogde algemene voorziening als individuele maatwerkvoorziening zou kunnen worden aangemerkt, zoals uit de volgende uitspraken blijkt: