Bij een pgb bepaal je niet alleen wie je zorgverlener wordt. Je bepaalt bijvoorbeeld ook:

  • wanneer en waar je die zorg krijgt;
  • hoe een zorgverlener die zorg uitvoert.

De afspraken daarover zet je in een zorgovereenkomst. Er zijn 2 soorten: een arbeidsovereenkomst en een opdrachtovereenkomst. In de wet heet dat ‘een overeenkomst van opdracht’. Je overlegt met je zorgverlener welke zorgovereenkomst jullie sluiten. Bij een opdrachtovereenkomst ben jij als budgethouder opdrachtgever. Bij een arbeidsovereenkomst ben je werkgever.

Maar soms heb je geen keus. Dan ben je verplicht opdrachtgever of werkgever.

Wanneer ben je verplicht opdrachtgever?

  • Is je zorgverlener een familielid in de 1e graad1
  • Is je zorgverlener een familielid in de 2e graad2

Dan ben je altijd opdrachtgever en geen werkgever.

Huur je een zorginstelling in? Dan is je zorgverlener niet bij jou in dienst maar bij de zorginstelling. Jij bent dan opdrachtgever van de zorginstelling.

Wanneer ben je verplicht werkgever?

Werkt een zorgverlener niet via een zorgorganisatie, en komt hij minimaal 4 dagen per week bij je? Dan moet je een arbeidsovereenkomst sluiten. De zorgverlener is dan bij je in dienst, zelfs al komt hij maar een halfuurtje per dag.

Op de pagina Kies de juiste zorgovereenkomst van de Sociale Verzekeringsbank (SVB) vink je aan uit welke wet je een pgb krijgt. Ook kies je wat voor jouw situatie geldt. Daarna legt de SVB uit welke zorgovereenkomst je nodig hebt.

Hoe houd je de relatie met je zorgverlener goed?

Of je nu opdrachtgever of werkgever bent, jij hebt de leiding en de regie. Ook als je zorgverlener via een zorginstelling bij je werkt. Om de relatie goed te houden, is het belangrijk dat je regelmatig met elkaar overlegt. Je bespreekt dan onder andere:

  • Hoe doet de zorgverlener zijn of haar werk?
  • Komt de zorgverlener zijn afspraken na, en kom jij je afspraken na?
  • Moeten jullie nieuwe afspraken maken of afspraken aanpassen?

Wat doe je als je niet tevreden bent over je zorgverlener?

Je kunt natuurlijk altijd problemen krijgen met iemand. Bijvoorbeeld als:

  • je niet tevreden bent over de manier waarop de zorgverlener werkt;
  • een zorgverlener fouten maakt;
  • jullie het niet eens zijn over wat de zorgverlener wel en niet moet doen;
  • de zorgverlener te weinig rekening houdt met jouw wensen;
  • jullie het niet eens zijn over de betaling;
  • het na verloop van tijd niet meer klikt.

Bespreek problemen zo snel mogelijk. Dat is niet gemakkelijk. Schrijf daarom op wat je wilt zeggen en wat je met het gesprek wilt bereiken.

In het Slimme Lijstje Wanneer ben je een goede opdrachtgever of werkgever? lees je meer. Je vindt er tips hoe je de relatie met je zorgverlener goed houdt en tips voor een goed gesprek.

Wat doe je als een gesprek niet helpt?

Soms is een probleem te groot en lost een gesprek niets op. Je kunt dan een familielid of iemand anders die je vertrouwt, vragen om te helpen.

Lukt het ook niet om op die manier het probleem op te lossen? Dan kun je de samenwerking met de zorgverlener opzeggen. Is een zorgverlener bij jou in dienst, dan krijg je te maken met een opzegtermijn en ontslagrecht. De SVB kan je daar alles over vertellen.

Welke extra verplichtingen heb je als werkgever?

Als budgethouder heb je een aantal verplichtingen. Als werkgever zijn er nog een paar extra regels waar je je aan moet houden:

  • Is je zorgverlener zwanger? Dan hoef je haar niet door te betalen uit jouw budget. Je leest er alles over op de website van de SVB.
  • Is je zorgverlener ziek? Dan krijgt hij gewoon zijn salaris, maar dat betaal je niet uit je eigen pgb. Meer informatie over doorbetaling bij ziekte lees je op de website van de SVB.
  • Wil je een arbeidsovereenkomst opzeggen? Dan moet je onder andere letten op de opzegtermijn. Hoe dat werkt, lees je op de website van de SVB.

Meer weten?

Of je nu opdrachtgever of werkgever bent, jij hebt de leiding en de regie. Dat is niet altijd gemakkelijk.

Bel gerust naar onze Advieslijn om hier met een medewerker over te praten.

Wil je weten of jij al voldoende pgb-vaardig bent? Doe dan de pgb-test.

  1. Dit zijn: partner, ouders, schoonouders, kinderen, schoonzoons, schoondochters. ↩︎
  2. Dit zijn: (stief)broers, (stief)zussen, kleinkinderen, grootouders, schoonzussen, zwagers. ↩︎