Bij kinderen tot 18 jaar zijn de ouders de wettelijk vertegenwoordiger. Dat betekent dat zij de beslissingen nemen over het pgb van hun kind.

Ben je volwassen en kun je het pgb niet zelf beheren? Of heb je bijvoorbeeld moeite met plannen en organiseren? Dan kun je iemand uit je omgeving vragen om je te helpen.

Die persoon kan bij gesprekken aanwezig zijn, de administratie bijhouden en samen met jou een planning maken. Maar deze persoon mag geen formulieren ondertekenen. Jij blijft verantwoordelijk.

Maar heb je bijvoorbeeld dementie, een verstandelijke beperking of een psychische beperking, dan wil je misschien niet verantwoordelijk zijn. Je kunt dan iemand vragen als vertegenwoordiger.

In de Wet langdurige zorg (Wlz) kun je een gewaarborgde hulp aanwijzen die jouw pgb-zaken regelt.

3 soorten wettelijk vertegenwoordigers

Mentor

Een mentor helpt je beslissingen te nemen rond verzorging, verpleging en behandeling. De mentor neemt beslissingen zoveel mogelijk samen met jou. Hij kan je bijvoorbeeld helpen om een pgb aan te vragen en zorgverleners te zoeken. Een mentor regelt niet je geldzaken.

Bewindvoerder

Een bewindvoerder regelt de geldzaken voor je. Denk aan rekeningen betalen, een pgb aanvragen en beheren en een administratie bijhouden. Maar hij bepaalt bijvoorbeeld niet wie jouw zorgverleners worden en hoe ze je helpen.

Curator

Een curator regelt alle persoonlijke zaken en geldzaken als je dat zelf niet kunt. Alleen een persoon van 18 jaar of ouder kan onder curatele staan.

Meer informatie

Op de website van de rijksoverheid kun je de brochure Curatele, bewind en mentorschap downloaden.

Wie kan je wettelijk vertegenwoordiger zijn?

Je wettelijk vertegenwoordiger mag niet je zorgverlener zijn, behalve als deze zorgverlener je partner of een familielid is. Voorbeeld: heb je een volwassen kind met een verstandelijke beperking? Dan mag je als ouder zorgverlener én bewindvoerder zijn.

Verder kun je iedereen vragen als wettelijk vertegenwoordiger.

Is een wettelijk vertegenwoordiger altijd nodig?

Nee. Als je partner of een familielid je kan helpen bij je pgb-zaken, dan heb je geen vertegenwoordiger nodig. Familieleden mogen volgens de wet ook beslissingen nemen over verzorging en behandeling als er geen curator of mentor is benoemd.

De gemeente, de zorgverzekeraar of het zorgkantoor kan een gesprek hebben met je vertegenwoordiger. Dat kan je mentor, bewindvoerder of curator zijn, maar ook je partner of een familielid.

Hoe vraag je een wettelijk vertegenwoordiger aan?

Je gaat hiervoor naar de kantonrechter. Je kunt zelf een aanvraag indienen, maar ook een partner of familielid kan dit doen. Je heb hiervoor geen advocaat nodig.

De formulieren om een mentor, bewindvoerder of curator aan te vragen, vind je op rechtspraak.nl.

Wanneer is een wettelijk vertegenwoordiger verplicht?

Alleen in de Jeugdwet is dit verplicht. Ouders zijn wettelijk vertegenwoordiger van hun kind tot 18 jaar. Pleegouders kunnen dat zijn als zij door de rechter zijn aangesteld als voogd.

Binnen de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo), de Zorgverzekeringswet (Zvw) en de Wet langdurige zorg (Wlz) is een wettelijk vertegenwoordiger niet verplicht.

Let op: binnen de Wlz kun je wel met gewaarborgde hulp te maken krijgen.

Wat is gewaarborgde hulp?

Denkt het zorgkantoor dat je niet met een pgb kunt werken? Dan kan het zorgkantoor besluiten om je alleen een pgb te geven als er iemand is die je daarbij helpt. Die persoon is dan jouw ‘gewaarborgde hulp’.

Bij een aantal zorgprofielen moet je je altijd laten helpen door een gewaarborgde hulp. Dat zijn 4VV, 5VV, 6VV, 7VV, 4VG, 5VG, 6VG, 7VG, 8VG en GGZ 1 tot en met 5.

Je kiest zelf je gewaarborgde hulp. Dat mag je wettelijk vertegenwoordiger zijn als je die hebt, maar het kan ook iemand anders zijn.

Meer weten?