Hulp bij vervoer/hulpmiddelen

Heb je hulp nodig bij vervoer of een hulpmiddel om zelfstandig thuis te wonen? Dan kun je een vervoersvoorziening, hulpmiddel of OV-begeleiderskaart aanvragen.

Voorbeelden van hulpmiddelen

Voor vervoer:

  • Een voorziening zoals een kinderrolstoel, handbewogen rolstoel, elektrische rolstoel, sportrolstoel, rolstoelaanpassing, aangepaste fiets of scootmobiel;
  • Een aangepaste auto of aanpassingen aan je auto, zoals handbediening voor remmen en gas geven, of een auto waar je met je elektrische rolstoel in kunt;
  • Een vergoeding voor vervoerskosten.
  • Begeleiding in het openbaar vervoer.

Hulpmiddelen voor thuis:

  • De hulpmiddelenwijzer van Vilans/Ministerie van VWS beschrijft 9 activiteiten waarbij je een hulpmiddel nodig kan hebben: communicatie, eten en drinken, huishouden, in beweging, ontspanning, persoonlijke verzorging, werken en studeren, wonen, zorgen en verzorgen. Lees verder op hulpmiddelenwijzer.nl.

Waar kun je hulpmiddelen aanvragen?

Bij de gemeente

Ook als je zorg vanuit de Wet langdurige zorg (Wlz) of een andere wet krijgt, vraag je hulp bij vervoer of een hulpmiddel aan bij de gemeente. Deze worden vergoed uit de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo). De gemeente voert de Wmo uit, dus daar kun je een aanvraag indienen. Elke gemeente heeft eigen regels. Daardoor zijn er verschillen tussen wat gemeenten vergoeden. Je kunt een officiële aanvraag indienen. De gemeente is dan verplicht een onderzoek te doen.

Voorwaarden om in aanmerking te komen:

  • Je behoort tot de groep ouderen, chronisch zieken of mensen met een lichamelijke of verstandelijke beperking;
  • je verblijft rechtmatig in Nederland;
  • je bent Nederlander, je hebt een verblijfsvergunning op asielgronden of je hebt een reguliere verblijfsvergunning;
  • je bent woonachtig in de gemeente waarin je de aanvraag doet;
  • de voorziening is voor langere tijd noodzakelijk;
  • het is niet een hulpmiddel dat je ook zou hebben als je geen ziekte, handicap of andere beperking hebt. Zoals bijvoorbeeld een gewone fiets. Dan spreekt de wet van een
  • ‘algemene voorziening’ die:
    – meestal in de winkel verkrijgbaar is;
    – niet speciaal bedoeld is voor mensen met een beperking en
    – niet aanzienlijk duurder is dan vergelijkbare hulpmiddelen voor hetzelfde doel.

Nieuwe afspraken

In juni 2021 is het startsein gegeven voor uitvoering van een verbetertraject. De voorwaarden bij de aanschaf van een hulpmiddel met een pgb zijn aanzienlijk verbeterd.

Gemeenten moeten wel de convenanten met de nieuwe afspraken ondertekenen en de handreikingen gaan uitvoeren, zoals deze bedoeld zijn. Zodat:

  • je geïnformeerd wordt over de mogelijkheid het hulpmiddel met een pgb aan te schaffen;
  • de kosten voor onderhoud, reparatie en verzekering als je een hulpmiddel met een pgb aanschaft niet voor eigen rekening zijn;
  • bij de toekenning een reëel tarief wordt vergoed op basis van de offerte; afgestemd op het hulpmiddel met alles erop en eraan, volledig aangepast aan de behoefte van de gebruiker, met aanpassingen die vaak met het advies van een ergotherapeut tot stand zijn gekomen;
  • je bij verhuizing jouw hulpmiddel kan behouden.

Lees hierover meer in het themadossier.

Na toekenning:

  • kun je kiezen tussen aanschaf met een pgb of in natura;
  • betaalt de gemeente bij keuze voor een pgb, het bedrag voor een hulpmiddel direct aan jou uit, niet via de Sociale Verzekeringsbank (SVB);
  • moet je een eigen bijdrage betalen van € 19,00 per maand; dit bedrag is voor iedereen gelijk, tenzij je al een eigen bijdrage betaalt vanwege een andere indicatie in de Wmo of een indicatie in de Wet langdurige zorg (Wlz).

Bij de ene gemeente ben je als budgethouder eigenaar van de voorziening. Bij de ander blijft de gemeente eigenaar of ben je eigenaar na afbetaling van de eigen bijdrage. Vraag dit even na bij je gemeente.

Na afwijzing:

  • krijg je een schriftelijke bevestiging; vind je die aanvechtbaar, dan kun je daartegen in bezwaar gaan, eventueel met hulp van onze juristen.

UWV en zorgverzekeraar

  • UWV: voor werk en school.
  • Zorgverzekeraar: hulpmiddel waarop je medisch gezien bent aangewezen, zoals prothese, gehoortoestel.

Hiervoor kun je geen pgb krijgen.

OV-begeleiderskaart bij Argonaut

Met een OV-begeleiderskaart mag een begeleider – zorgverlener, naaste, vriend of ander persoon die met jouw meereist – gratis met je mee als je door een beperking niet zelfstandig met het openbaar vervoer kunt reizen. Deze kaart is geldig in trein-, bus-, metro-, en tramdiensten. Lees meer.

Heb je vanwege een lichamelijke beperking hulp nodig bij het in-, over- en uitstappen? Of heb je een visuele beperking en iemand nodig om je door het station te begeleiden? Dan kun je gratis gebruikmaken van NS Reisassistentie. Lees meer.

Voorwaarden voor een begeleiderskaart

  • Je woont in Nederland.
  • Jij én je begeleider zijn minstens 12 jaar oud.
  • Je maakt de hele reis gezamenlijk.
  • Je reist zelf met een geldig vervoerbewijs. Je begeleider gebruikt de OV-Begeleiderskaart als vervoerbewijs.

Heb je vragen?

  • In de hulpmiddelenwijzer lees je waar je hulpmiddelen voor welke doeleinden kunt aanvragen.
  • Twijfel je of je in aanmerking komt voor vergoeding van een hulpmiddel, informeer bij je gemeente, is het voor werk of school, informeer bij UWV en medische hulpmiddelen bij je eigen zorgverzekeraar.
  • Twijfel je aan het advies van gemeente, UWV of zorgverzekeraar, bel dan altijd even met onze advieslijn. We kijken dan samen of je aan de voorwaarden voldoet.
  • Heb je vragen over de OV-begeleiderskaart, neem dan contact op met de afdeling OV-Begeleiderskaart via 030 235 46 61 (optie 1) of [email protected].

Veelgestelde vragen

Vragen over jouw situatie?

Heb je persoonlijk advies nodig over het persoonsgebonden budget in jouw situatie? Bel ons.