Vanaf 2015 zijn ervaringen opgedaan met het pgb van de zorgverzekeraar, vanuit de Zvw. Deze ervaringen gaven aanleiding tot aanpassingen van de afspraken die eind 2014 zijn gemaakt. Het schrappen van de voorwaarden die de afgelopen anderhalf jaar zoveel – onterechte – afwijzingen hebben opgeleverd, ziet Per Saldo als grote winst. Een stap vooruit in het streven naar een toegankelijk pgb in alle wetten voor iedereen die eigen regie wil voeren over zijn zorg.

Bestuurlijke afspraken over het pgb

Afgelopen donderdag, 27 oktober 2016, stuurde staatssecretaris Van Rijn een brief naar de Tweede Kamer met daarin informatie over de recent gemaakte bestuurlijke afspraken over het pgb in de Zorgverzekeringswet (Zvw). De huidige afspraken dateren uit het najaar van 2014. Op grond daarvan interpreteerden veel zorgverzekeraars de toegangscriteria op hun eigen wijze. Zo werd er afgewezen als de zorg planbaar zou zijn en de noodzaak van een vaste zorgverlener op wisselende tijden ontbrak.  Deze voorwaarden zijn nu allemaal geschrapt en spelen geen rol meer bij het al dan niet toekennen van een pgb. Bij het ingaan van het nieuwe reglement op 1 januari 2017 zal de keuze van de budgethouder centraal staan en wordt er gekeken of deze, of zijn vertegenwoordiger, in staat is zijn pgb te beheren en eigen regie te voeren. Afspraken die overeenkomen met de regelingen in Wlz, Wmo en Jeugdwet.

IKZ

Met extra aandacht is gekeken naar kortdurend verblijf en dagopvang die ouders van kinderen met intensieve kindzorg willen inkopen met het pgb. Dat was tot nu toe niet mogelijk en ook in 2017 zal dat nog niet kunnen. Per Saldo heeft er achteraan gezeten om ouders van IKZ-kinderen ondanks dat toch de mogelijkheid te geven kortdurend verblijf in te kopen met een pgb bij een niet gecontracteerde zorgaanbieder van hun keuze. Afgesproken is dat zij de kosten daarvan via restitutie op hun zorgverzekeraar kunnen verhalen (ook wanneer zij een natura polis hebben, waarin restitutie – achteraf uitbetaald krijgen – in principe niet mogelijk is). Waar nodig zullen zorgverzekeraars meewerken aan het vinden van passende oplossingen. Per Saldo zal de gang van zaken hieromtrent nauwgezet volgen en vragen om bijsturing daar waar het eventueel mis gaat.

Ervaringen van wijkverpleegkundigen

Deze zomer is er onderzoek gedaan naar de ervaringen van wijkverpleegkundigen met het pgb-Zvw. Het rapport daarvan is met de Kamerbrief meegestuurd. Het beeld dat uit de rapportage naar voren komt onderschrijft de signalen die al op andere wijzen naar voren waren gekomen over de indicatiestellingen voor het pgb-Zvw. Wijkverpleegkundigen melden moeite te hebben met het proces: bij zorg in natura kunnen zij, doordat ze de zorg zelf leveren, gaandeweg en indien nodig de indicatie bijstellen. Bij een pgb gaat het anders: de indicatie is een momentopname. Ook vinden zij het ingewikkeld om de hoogte van de benodigde indicatie bij informele zorg vast te stellen. Wijkverpleegkundigen zeggen vooraf niet goed op de hoogte te zijn geweest van de mogelijkheden van het pgb.

Verbetering indicatie

De betrokken partijen VWS, Zorgverzekeraars Nederland en Per Saldo hebben afgesproken om ook te kijken hoe het proces van indiceren verbeterd kan worden. Sinds de start van het pgb-Zvw zijn er diverse signalen binnengekomen over knelpunten bij indicatiestellingen. Bijvoorbeeld dat er te hoge indicaties worden afgegeven in vergelijking met de indicaties in de vroegere Awbz, maar ook over het mee-indiceren van zorg die niet in de Zvw thuishoort of gebruikelijke zorg is. Sommige wijkverpleegkundigen hebben de ervaring dat zij niet voldoende onafhankelijk hun werk kunnen doen, omdat zij door de budgethouder onder druk worden gezet bij het stellen van de indicatie.

Omdat wijkverpleegkundigen het indiceren als een momentopname lastig vinden, is besloten om de indicatiestelling op de lange termijn te gaan verbeteren: meer persoonsgericht te maken en de indicatie bij te stellen als dat nodig is. Op de korte termijn zal er vanaf 1 januari 2017 een tijdelijke commissie worden ingericht die tot doel heeft om zorgverzekeraars op verzoek te adviseren over de juistheid van de gestelde indicatie.

Informeel tarief

In de brief van de staatssecretaris wordt verder gesteld dat de verschillende partijen hebben gesproken over het invoeren van een niet vast, maar uiteenlopend (gedifferentieerd) informeel tarief. Het invoeren daarvan is van alle kanten bekeken, maar stuit op uitvoeringsproblemen. Gezamenlijk is daarom besloten om het informele tarief per 1 januari 2017 op maximaal 23 euro te houden.

Wat vindt Per Saldo?

  • Per Saldo ziet het schrappen van voorwaarden die de afgelopen anderhalf jaar zoveel – onterechte – afwijzingen hebben opgeleverd als grote winst. Het schrappen sluit aan bij het streven van Per Saldo voor een toegankelijk pgb in alle wetten voor iedereen die eigen regie wil voeren over zijn zorg.
  • Per Saldo had liever gezien dat het informele tarief op verschillende manieren zou kunnen worden ingevoerd, maar ziet de oplossing van een vast tarief van 23 euro voor iedereen met een informeel tarief in de Zvw als redelijk alternatief.
  • Het is goed dat er onderzoek is gedaan onder wijkverpleegkundigen naar hun ervaringen met het Zvw-pgb. Per Saldo kijkt uit naar de monitor over 2016, waarin ook de ervaringen van budgethouders meegenomen zullen worden.

Vergelijking

Zoals u van ons gewend bent, zal Per Saldo in december weer een overzicht geven van alle zorgverzekeraars en hoe zij met het pgb omgaan.

Brief downloaden

Op de website van de Tweede Kamer vindt u de brief van staatssecretaris Van Rijn over de bestuurlijke afspraken en de overige stukken.