Binnen gemeenten zijn de voorbereidingen op de verkiezingen in volle gang. Verkiezingen die van invloed zijn op de positie van de budgethouder. Want deze staat onder druk. Terwijl erkenning van de zorg- en/of ondersteuningsvraag van de budgethouder toch voor elke gemeente vanzelfsprekend moet zijn.

Keuzevrijheid

Eén van de belangrijkste pijlers van het pgb is de keuzevrijheid in wie, waar, op welk moment de zorg verleent. Informele zorgverleners worden bijvoorbeeld ingezet om op onmogelijk te plannen momenten hulp te kunnen bieden. Zorg die via formele zorgverleners vaak lastiger of onmogelijk te regelen valt. In 2014 voorafgaand aan de decentralisatie van de jeugdhulp schreef Erik Gerritsen, nu secretaris generaal van VWS, het boek “Hoe overleef je als gemeente de transitie jeugdzorg: 55 tips voor deskundig opdrachtgeverschap”. Erik voegde hier later nog 5 tips aan toe. Tip 57 heeft betrekking op het slim gebruik maken van een persoonsgebonden budget op maat geleverd door ouders zelf en draagt de titel “ Maak slim gebruik van pgb op maat”. Erik schreef in 2014 in deze tip onder andere het volgende:

“We weten uit ervaring dat terecht toegekende pgb’s aan integer werkende ouders in het algemeen vele malen goedkoper zijn dan de alternatieve zorg in natura die anders zou moeten worden geleverd. Dat komt door de combinatie van eigen regie en daarmee ook inzet van eigen kracht van ouders en het sociale netwerk met de mogelijkheden die pgb’s bieden om echt maatwerk te leveren. Omdat het bij pgb’s meestal om kinderen met zeer zware problematiek gaat en dus om relatief dure zorg, is het voor gemeenten ook financieel van groot belang om een goed werkend PGB-systeem vorm te geven. Ik heb de afgelopen tijd veel opvoedkundig prima vaardige ouders leren kennen van kinderen met zeer complexe problematiek. Problematiek waarvoor na een vaak lange martelgang door de reguliere jeugdzorg en jeugd-GGZ geen oplossing werd gevonden. De situatie van veel van die zeer kwetsbare kinderen verslechterde vaak dramatisch en dreef deze ouders tot wanhoop. Totdat ze met behulp van een pgb het heft in eigen handen konden nemen. Er zijn vele prachtige voorbeelden hoe deze ouders met relatief goedkoop maatwerk en ongelooflijk veel eigen inzet, alsnog tot werkbare oplossingen zijn gekomen, waarbij hun kinderen zienderogen opknapten.’’

Een voorbeeld uit de praktijk (voor de decentralisatie): een ouder van een zoon met ASS en een dwangmatigheidsstoornis (OCD) zat in een jeugd-GGZ-instelling, waar het kind ziende oog achteruit ging. De jongen heeft op meerdere afdelingen gezeten maar door de complexiteit van de hulpvraag konden ze hem niet helpen. Er werd gezocht naar andere alternatieven. Meerdere specialistische instellingen gaven aan niet de hulp te kunnen bieden die nodig was. Uiteindelijk kon deze jongen ook niet meer naar school (2e klas HAVO) vanwege zijn onrust op de afdeling en kreeg hij verschillende soorten medicatie. Moeder besloot zelf de zorg op zich te nemen met twee formele hulpverleners met behulp van een pgb. Hij kreeg een ZZP-5 indicatie waar een budget van €22.000 voor werd vastgesteld als de hulp door moeder zelf geregeld werd. Het team ging voortvarend aan het werk. Binnen 3 maanden kon de jongen weer onderwijs volgen, na 6 maanden ging hij zelf weer dingen ondernemen zoals voetballen en fietsen, medicatie werd onder toeziend oog van een specialist afgebouwd en er was weer een lach op zijn gezicht te zien. De vaardigheden die hem werden aangeleerd werden nog verder ingesleten want het is belangrijk om de ingeslagen weg te kunnen blijven volgen. De nazorg is essentieel voor resultaat op langere termijn. Bij kinderen met autisme is automatiseren van de aangeleerde vaardigheden namelijk niet vanzelfsprekend. Tot verbazing van de moeder kreeg zij per ongeluk de rekening toegestuurd van de instelling die voor de zorgverzekering bedoeld was: € 158.000 voor 11 maanden “zorg”.

Wat vindt Per Saldo?

In 2018 zien we nog altijd de angst bij gemeenten om geïndiceerde zorg uit te laten voeren door ouders, die uitbetaald worden vanuit het pgb. Het omgekeerde is ook het geval: kinderen die hun ouders verzorgen. Ook van hen wordt vaak verwacht dat ze dit als mantelzorger doen, op vrijwillige basis. Daar kan echter niemand toe gedwongen worden. Verplicht vrijwilligerswerk bestaat immers niet! Belangrijk is om na te gaan welke zorg boven-gebruikelijk is. Vervolgens of de hulp vanuit zin of een pgb gefinancierd gaat worden. Een belangrijke stap bij de keuze voor een pgb is of de vertegenwoordiger budgetvaardig is en of de keuze voor een pgb een bewuste weloverwogen keuze is. Geven ouders / kinderen aan dat het aanbod in natura niet volstaat in hun situatie dan zou ondersteuning vanuit een pgb mogelijk moeten zijn. Daarnaast ga je kijken wie deze ondersteuning het beste kan geven zodat de afgesproken doelen zo efficiënt mogelijk behaald kunnen worden. Dit kan een informele zorgverlener zijn, een formele zorgverlener of een combinatie van beide.

Vorige week gaven wij tips aan gemeenten met betrekking tot dit onderwerp. Kijk hier voor de tips.