Gedwongen zorg is zorg die iemand niet zelf kiest en vaak ook niet wil, maar die hij wel nodig heeft. Denk aan voeding als iemand dagenlang niet wil eten. Of de kleding doorzoeken om te kijken of iemand geen scherpe voorwerpen bij zich heeft. Of tegen iemands zin een bedhek plaatsen dat iemand niet zelf kan weghalen.

Dit Slimme Lijstje geeft antwoord op vragen als: Voor wie geldt deze wet? Wat staat er in de nieuwe wet? Wat is het doel van de wet? Wanneer kun je iemand dwingen tot zorg? En wat betekent de Wzd voor mensen met een persoonsgebonden budget (pgb)?

Wat vind je in dit Slimme Lijstje?

  • Van Wet Bopz naar Wzd
  • Deel 1: Wat houdt de Wzd in?
  • Deel 2: Wie is verantwoordelijk voor de uitvoering van de Wzd?
  • Deel 3: Wat betekent de Wzd voor budgethouders?
  • Deel 4: Het laatste nieuws over de Wzd (ook in coronatijd)

Van Wet Bopz naar Wzd

Tot 1 januari 2020 was er de Wet bijzondere opnemingen in psychiatrische ziekenhuizen (Bopz). Die wet is op 1 januari 2020 vervallen.

Onder de Bopz vielen ook gedwongen zorg en opname voor mensen met dementie of een verstandelijke beperking. Voor die mensen is er nu de Wet zorg en dwang (Wzd).

Tegelijk met de Wzd is de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz) ingegaan. Die wet gaat over verplichte zorg en opname voor mensen met psychische of psychiatrische problemen.

Gedwongen zorg volgens de nieuwe wetten (de Wzd en de Wvggz) kan ook buiten een ggz-instelling plaatsvinden. In de Wet Bopz kon dat niet. Dat is een groot verschil.

Krijgen budgethouders met de Wvggz te maken?

Eindverantwoordelijke voor de verplichte zorg via de Wvggz is altijd een arts. Die arts kan een zorgverlener aanwijzen om verplichte zorg te geven. In theorie zou dat een pgb-zorgverlener thuis of in een wooninitiatief kunnen zijn. In de praktijk zal dat bijna nooit voorkomen.

Deel 1: Wat houdt de Wzd in?

De Wet zorg en dwang (Wzd) gaat over gedwongen zorg bij mensen met een verstandelijke beperking of een psychogeriatrische aandoening zoals dementie. In de officiële tekst van de Wzd worden in plaats van ‘gedwongen zorg’ de woorden ‘onvrijwillige zorg’ gebruikt.

Voor wie is de Wzd?

De Wzd geldt voor mensen:

  1. die een indicatie hebben voor de Wet langdurige zorg (Wlz) vanwege een verstandelijke beperking of dementie;
  2. waarbij een arts heeft aangegeven dat professionele zorg nodig is vanwege een verstandelijke beperking of dementie; het maakt dan niet uit of iemand zorg krijgt via de Wlz of een andere zorgwet;
  3. die een aandoening hebben met dezelfde problemen als mensen met een verstandelijke beperking of dementie, zoals bij Niet Aangeboren Hersenletsel (NAH), Huntington en Korsakov.

Wat is onvrijwillige zorg?

Onvrijwillige zorg is zorg die iemand niet zelf kiest en vaak ook niet wil, maar die hij wel nodig heeft. Onvrijwillige zorg gaat onder andere om:

  • medische handelingen, zoals vocht, voeding en medicatie toedienen;
  • medische controles en andere therapeutische maatregelen;
  • persoonlijke verzorging als iemand zich anders ernstig zou verwaarlozen;
  • de bewegingsvrijheid verkleinen, bijvoorbeeld met een bedhek;
  • iemand niet toestaan om zijn kamer, de afdeling of het gebouw te verlaten;
  • iemand tijdelijk afzonderen van de groep in een speciale separeerruimte;
  • iemand niet alleen laten of toezicht houden met bijvoorbeeld camera’s of bewegingssensoren;
  • kleding, lichaam of kamer doorzoeken om te kijken of iemand geen alcohol, drugs of gevaarlijke voorwerpen heeft;
  • controle op alcohol en drugs, bijvoorbeeld met een urinetest, speekseltest of blaastest;
  • iemand geen internet of telefoon laten gebruiken;
  • gedrag reguleren om te voorkomen dat hij agressie bij anderen uitlokt;
  • iemand verbieden bezoek te ontvangen.

Op de website dwangindezorg.nl vind je praktijkvoorbeelden van onvrijwillige zorg.

De Wzd moet ‘ernstig nadeel’ voorkomen

In de wet staat dat zorgverleners alleen onvrijwillige zorg mogen geven om ‘ernstig nadeel’ te voorkomen. Bijvoorbeeld omdat iemand:

  • zichzelf of anderen in gevaar brengt;
  • ernstige schade veroorzaakt aan spullen;
  • zich ernstig verwaarloost;
  • zich niet kan redden in de maatschappij;
  • niet begrijpt dat hij gevaar loopt, bijvoorbeeld door een loverboy;
  • met zijn gedrag anderen stoort en de agressie van anderen opwekt.

Wil je weten hoe de overheid ‘ernstig nadeel’ uitlegt? Kijk op de website dwangindezorg.nl.

Wanneer mogen zorgverleners onvrijwillige zorg geven?

Soms weten mensen met dementie of een verstandelijke beperking niet (meer) wat goed voor ze is. Dan kan iemand zich verzetten tegen zorg die hij nodig heeft.

In de Wzd staat dat deze mensen zorg mogen krijgen. Zij hoeven daarvoor geen toestemming te hebben van iemand zelf of van zijn vertegenwoordiger. Dat is onvrijwillige zorg. De zorgverlener die onvrijwillige zorg gaat leveren moet altijd eerst het stappenplan uit de wet doorlopen.

Tegelijk beschermt de Wzd mensen tegen onnodige onvrijwillige zorg. Zorgverleners mogen alleen onvrijwillige zorg geven als het niet anders kan. Vrijwillige zorg is het uitgangspunt, onvrijwillige zorg een laatste redmiddel.

Als iemand zich verzet tegen zorg, gaan zorgverleners nadenken over: kan dit ook anders? Ook dát is een van de doelen van de Wzd.

Wat moet je doen om onvrijwillige zorg te mogen geven?

Lukt het niet om samen een andere oplossing te vinden? Dan moet de zorgverlener of zorgaanbieder een stappenplan volgen. Dat zorgt ervoor dat:

  • de situatie goed wordt bekeken;
  • het team met elkaar eerst kijkt of er geen andere manieren zijn;
  • een (externe) deskundige meedenkt.

Het Wzd-stappenplan vind je op de website dwangindezorg.nl.

Zorgorganisatie Vilans heeft de gids Ruim 85 alternatieven voor onvrijwillige zorg Dit is een praktische gids om vrijheidsbeperking te voorkomen of af te bouwen. Prijs €15,95.

Wat gebeurt er als iemand wilsonbekwaam is?

Als iemand wilsonbekwaam is, kan zijn vertegenwoordiger toestemming geven voor zorg. Geeft de vertegenwoordiger toestemming maar is degene die de zorg krijgt het niet eens met die zorg? Ook dan is het onvrijwillige zorg.

Een vertegenwoordiger kan een ‘wettelijk vertegenwoordiger’ zijn, zoals een bewindvoerder. Maar ook andere familieleden of naasten kunnen vertegenwoordiger zijn. Meer hierover kun je lezen op de website dwangindezorg.nl.

Geen verzet, toch onvrijwillige zorg

Onvrijwillige zorg is zorg die iemand niet wil. Wanneer iemand wilsonbekwaam is zijn  er 2 situaties waarin je als zorgverlener dezelfde stappen moet doorlopen als bij onvrijwillige zorg:

  • kalmerende medicijnen geven;
  • maatregelen nemen die iemand beperken in zijn bewegingsvrijheid.

Ook als iemand toestemming geeft voor de zorg en zich niet verzet, vallen deze maatregelen onder de Wzd. Dat komt omdat deze maatregelen heel ingrijpend zijn. s

Geldt de Wzd altijd als iemand zich tegen een maatregel verzet?

Nee. Iemand kan een regel ervaren als onvrijwillige zorg. Dat betekent niet dat de regel volgens de wet onder onvrijwillige zorg valt. Denk aan:

  1. Wetten en regels die voor iedereen gelden. Zoals autogordels dragen of niet roken waar een rookverbod geldt.
  2. Dit zijn regels die de veiligheid garanderen en zorgen voor orde en structuur in een instelling, woning of ouder- of wooninitiatief. Huisregels mogen niet verder gaan dan wat logisch en noodzakelijk is. Zoals regels over hoe laat iedereen ’s avonds naar zijn kamer gaat, wanneer mensen wel en geen muziek mogen draaien. En regels over bezoektijden. De huisregels moeten voor iedereen gelden.

Lees meer over huisregels in de factsheet onvrijwillige zorg in Wet zorg en dwang.

Waar geldt de Wzd?

  • Bij mensen thuis en in kleinschalige ouderinitiatieven en wooninitiatieven.
  • Locaties voor dagbesteding en zorginstellingen waar mensen met een verstandelijke beperking of dementie wonen of tijdelijk zijn opgenomen.
  • In aanleunwoningen, speciaal voor mensen met een verstandelijke beperking of dementie.
  • Eigenlijk overal waar mensen kunnen verblijven of activiteiten kunnen ondernemen.

Sinds 1 januari 2020 is er een openbaar locatieregister. Dat is een overzicht met alle locaties waar zorgaanbieders onvrijwillige zorg verlenen.

Deel 2: Wie is verantwoordelijk voor de uitvoering van de Wzd?

Er kunnen veel mensen betrokken zijn bij onvrijwillige zorg. Een zorgverantwoordelijke zorgt dat alle betrokkenen zich houden aan het Wzd-stappenplan. De Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) controleert of zorgaanbieders zich houden aan de wet.

Wat is een zorgverantwoordelijke?

De zorgverantwoordelijke heeft een belangrijke rol bij de uitvoering van de Wzd. Hij stelt een zorgplan op en zorgt dat de zorgverleners het stappenplan toepassen als:

  • onvrijwillige zorg in het zorgplan wordt opgenomen; of
  • bepaalde vormen van zorg zonder verzet in het zorgplan van wilsonbekwame personen worden opgenomen.

De zorgverantwoordelijk beslist bovendien over onvrijwillige zorg die niet in het zorgplan staat. Hij doet zijn best om onvrijwillige zorg te voorkomen.

Ook zorgt de zorgverantwoordelijke dat  anderen betrokken worden wanneer dit nodig is.

Wat voor opleiding moet de zorgverantwoordelijke hebben?

Niet elke zorgverlener kan zorgverantwoordelijke zijn. Een zorgverantwoordelijke moet een opleiding in de zorg hebben, minimaal verzorgende IG/MBO niveau 3.

De overheid heeft een profiel gemaakt waarin staat wie volgens de Wzd precies zorgverantwoordelijke kunnen zijn. Je kunt het profiel hier downloaden.

Welke andere deskundigen kunnen betrokken zijn?

Naast de zorgverantwoordelijke en zijn teamleden moetenook andere deskundigen betrokken zijn bij de onvrijwillige zorg. Denk aan een arts, een deskundige die zelf niet de zorg verleent, een Wzd-functionaris of een externe deskundige.
De Wzd-functionaris toetst het zorgplan en kijkt of dat aan alle eisen voldoet.
In het Wzd-stappenplan lees je wie bij welke stap betrokken is.

Deel 3: Wat betekent de Wzd voor budgethouders?

Ook mensen met een persoonsgebonden budget (pgb) kunnen te maken krijgen met de Wzd.

Welke pgb-zorgverleners mogen onvrijwillige zorg leveren?

Budgethouders kunnen formele en informele zorgverleners inhuren.

Informele zorgverleners met een arbeidsovereenkomst of een overeenkomst voor een partner of familielid vallen niet onder de Wzd. Zij moeten altijd proberen om gedwongen zorg te voorkomen, want dat is in het belang van de budgethouder. Maar ze hoeven niet de regels en het stappenplan van de Wzd te volgen.

Formele zorgverleners of zorgaanbieders mogen alleen onvrijwillige zorg geven als ze staan ingeschreven in het openbare locatieregister.

Is iemand formeel zorgverlener en voldoet hij aan de opleidingseisen om als zorgverantwoordelijke op te treden? Dan kan deze zorgverlener onvrijwillige zorg geven volgens het Wzd-stappenplan.

Voldoet een formele zorgverlener niet aan de eisen? Dan mag hij niet zelfstandig onvrijwillige zorg geven. Hij moet er dan iemand bij vragen die wél aan de eisen voldoet.

Hoe pas je het Wzd-stappenplan toe bij budgethouders?

Zijn er verschillende zorgverleners bij een budgethouder betrokken en besluiten zij samen dat onvrijwillige zorg nodig is? Dan moeten deze personen samen overleggen zodat ze aan de eisen van het Wzd- stappenplan voldoen.

Een Wzd-functionaris toetst het zorgplan. Dit kan bijvoorbeeld de huisarts zijn, maar het mag niet iemand zijn die heeft geholpen om het zorgplan op te stellen. Het is belangrijk dat een onafhankelijk iemand dit doet. Hiermee wordt voorkomen dat onvrijwillige zorg onterecht wordt toegepast.

Openstaande vraag van Per Saldo

Waar kunnen pgb-zorgverleners deskundigen vinden om ze te helpen bij het Wzd-stappenplan? En hoe worden deze mensen betaald?

Die vragen heeft Per Saldo voorgelegd aan het ministerie van VWS. Dit zijn wel lastige vragen waar nu nog geen antwoord op is, maar waar wel aan gewerkt wordt.

Ondersteuning van een cliëntvertrouwenspersoon

Iedereen die onder de Wzd valt, heeft recht op een cliëntvertrouwenspersoon (cvp). Dit geldt ook voor budgethouders. Onvrijwillige zorg of een onvrijwillige opname heeft grote gevolgen. Iemand kan dan niet doen wat hij zelf wil. Soms is het lastig om daarover te praten met zorgverleners. Een cvp kan daarbij helpen, en kan antwoord geven op veel vragen.

Heb je een pgb en zoek je een cliëntvertrouwenspersoon? Neem dan contact op met het zorgkantoor in de regio.

Krijg je onvrijwillige zorg en heb je daar een klacht over?

Bespreek je vraag of klacht over onvrijwillige zorg eerst met je cliëntvertrouwenspersoon. Kom je er samen niet uit? Dan kan je een klacht indienen bij een externe klachtencommissie. Je vertegenwoordiger kan dat ook doen.Klachten kunnen bijvoorbeeld gaan over:

  • de beoordeling van de wilsonbekwaamheid;
  • het besluit om onvrijwillige zorg in het zorgplan op te nemen.

De klachtencommissie onderzoekt de klacht. De uitspraak van de commissie is bindend. Dus alle partijen moeten zich dan aan de uitspraak houden.

Een zorgaanbieder die onvrijwillige zorg levert, is verplicht om zich bij een externe klachtencommissie aan te sluiten.

Deel 4: Het laatste nieuws over de Wzd (ook in coronatijd)

Per Saldo wil je graag goed informeren. Zeker ook over wat de Wzd voor budgethouders betekent. Daarover zijn we in gesprek met het ministerie van VWS. Via de nieuwsberichten blijf je op de hoogte. Daarnaast kun je jezelf ook inschrijven voor de nieuwsbrief van het ministerie van VWS over dit onderwerp. Dit kan via www.dwangindezorg.nl.

De overheid geeft op de website dwangindezorg.nl uitgebreide informatie over de Wzd. Je kunt er onder andere deze 2 folders downloaden:

Bijlage: hulp en ondersteuning

Loop je aan tegen knelpunten bij het organiseren van de Wet zorg en dwang (Wzd)?  Dan kun je het coördinerend team inschakelen. Hieronder meer informatie over dit team.

Coordinerend team Wet zorg en dwang

Op papier

Hieronder de Pdf van dit slimme lijstje dat je desgewenst kunt printen.

Slim lijstje Wet zorg en dwang